Verhoring van gebed

Vraag en u zult krijgen, zoek en u zult vinden, klop en er zal worden opengedaan.

Matteüs 7:7

Als we vragen, zullen we krijgen staat hier. Maar hoe kan het dan dat we soms niet lijken te krijgen wat we hebben gevraagd?

Voor God is het mogelijk om ons in één klap te geven wat we vragen. Zo vroeg Simson nog één keer om zijn kracht en hij ontving die direct (Rechters 16:28). Hoe zit het dan met de dingen die wij vragen? Waarom lijken wij die dan niet te krijgen.

Ik zal een voorbeeld geven van wat ik zelf het meegemaakt. Ik vroeg de Heer om meer geduld. En wat kreeg ik? Ik kreeg: files, mensen die langzaam voor mij reden (onder de maximum snelheid), inhalende vrachtwagens op een tweebaanssnelweg waar ik 130 zou mogen (als het had gekund), trein net missen, tram voor mijn neus zien wegrijden enz. In het begin was ik nog wel eens aan het ergeren wanneer zo iets gebeurde, maar op een gegeven moment ging ik het inzien: dit waren allemaal situaties om geduld te beoefenen. God gaf mij niet in één klap waar ik om vroeg, maar hij gaf mij situaties om aan geduld te werken. Ook nu nog heb ik deze situaties, maar in plaats van boos te worden zeg ik dan tegen mezelf: “Geduld, Andreas, geduld“, en kom ik tot rust. Zo heb ik boosheid kunnen vervangen door rust, en als bonus werkt het ook aan het groeien van mijn geduld, win-win!

Zo kan God moeilijkheden geven, aan wie om kracht vraagt, om op die manier kracht op te bouwen. En lastige problemen aan hen, die om wijsheid hebben gevraagd. Kansen voor wie om succes vragen. Een vreemde die een gesprek aanknoopt voor wie om een oplossing voor eenzaamheid vraagt.

We zouden allemaal wel in één klap rijk willen worden door een loterij te winnen, echter is de praktijk dat dit voor de meeste van ons nooit gaat gebeuren. Daarom kunnen we beter werken (als dat mogelijk is) voor ons geld, dan te blijven hopen op het winnende lot. Dit is te vergelijken met verhoring van gebed, soms verhoord God direct in wonderbaarlijke wijze, maar meestal krijgen we de middelen die we nodig hebben om dat te bereiken waar we om vragen.

Als we terug kijken naar de tekst uit Matteüs dan staat daar niet: “Vraag en u zult misschien krijgen” of “Vraag en u zult waarschijnlijk krijgen”. Nee, er staat: “u zult krijgen”. Een zekerheid dat wie vraagt, zal ontvangen, misschien niet altijd direct of op wonderlijke wijze; maar ontvangen, dat zeker!

Ja, ieder die vraagt, zal krijgen, en wie zoekt, zal vinden, en voor wie aanklopt, zal worden opengedaan.

Matteüs 7:8

Wat zegt de Bijbel ons vandaag?

Waar gelovigen bijeenkomen, moeten vrouwen zwijgen. Zij mogen niet spreken, maar moeten zo nederig zijn dat aan de mannen over te laten. Dat staat trouwens ook in de wet van Mozes.

1 Korintiërs 14:34

We leven tegenwoordig in een andere tijd als waarin de Bijbel werd geschreven. Ook leven we in een andere cultuur en is de maatschappij ook flink veranderd. Dit alles moeten we mee in overweging nemen wanneer we woorden uit de bijbel lezen. We kunnen teksten niet zomaar te pas en te onpas letterlijk toepassen. De boodschap moet worden vertaald naar hedendaagse begrippen. Dit staat los van een nieuwe Bijbelvertaling waar de woorden meer hedendaags zijn. Waar ik hier op doel is het vertalen van de boodschap.

De BGT vertaling zegt onder andere het volgende: “Trouwens, overal waar groepen mensen bij elkaar zijn, moeten de vrouwen zwijgen.” Dit is in de hedendaagse maatschappij niet voor te stellen.

Dit stuk illustreert heel duidelijk dat we niet alleen de woorden, maar ook de boodschap moeten vertalen. Hiervoor kan je bijvoorbeeld naar een kerkdienst gaan, waar tijdens de preek door de voorganger de boodschap vertaald wordt naar hedendaagse begrippen, zodat we dit ook in ons leven kunnen toepassen. Termen als oogst en knecht zijn voor de meeste mensen geen relevante onderwerpen meer. In de tijd van de Bijbel waren dit echter gangbare begrippen. Evenzeer zijn termen als slaaf en meester niet meer van deze tijd (gelukkig maar). Hiermee wil ik niet zeggen dat er geen slavernij meer is, nee dat zeker niet! Maar het is niet meer dat slavernij een geaccepteerde situatie is, zoals het in die tijd wel was.

Nu ga ik een poging doen om het vers over zwijgende vrouwen te vertalen naar hedendaagse begrippen. In die tijd was het ongebruikelijk om ongehuwd te blijven, als je niet trouwde leek het als of er iets mis was, dit is iets wat vandaag de dag anders in elkaar zit. De vrouw was in die tijd ondergeschikt in aan haar man, en er werd vaak (ten onrechte!) gedacht dat ze niet slim waren. Als het dus gaat om het stuk dat vrouwen niet mogen praten in de kerk, dan wordt bedoeld dat mensen die niet weten/begrijpen waar het over gaat (ongeacht geslacht, leeftijd, afkomst of andere zaken) beter niets kunnen zeggen tijdens de dienst. En dat deze mensen dan naderhand aan hun man (of vrouw of andere familie of vrienden of de voorganger) nadere uitleg kunnen vragen, zodat hiermee de dienst zelf niet verstoord wordt.

We moeten dus alert blijven wanneer iemand met Bijbelteksten komt zonder deze te vertalen. Dat is het zelfde als een recept opnoemen zonder de hoeveelheden erbij. Dan lijkt het wat te zijn, maar stelt het uiteindelijk niet veel voor. Twijfel je over een betekenis van een Bijbeltekst, vraag dan eens rond bij je vriendenkring, of misschien ga je naar een Bijbelstudiegroep en kan je het daar vragen. Je kan ook altijd naar je voorganger (of naar een andere voorganger als je dat liever hebt) om je vraag voor te leggen. Let wel, niemand is perfect en het kan ook voorkomen dat zelfs een voorganger niet altijd het antwoord paraat heeft.

Wat je in ieder geval kan blijven doen, is regelmatig de Bijbel blijven lezen. En mocht je iets lezen dat je niet begrijpt ga dan even met een ander stuk verder en keer dan later terug. God zal je te zijner tijd het inzicht geven om de boodschap die bedoelt is uit de tekst te halen (of de mensen sturen die je hierbij kunnen helpen).

Verspil geen energie

Geef wat heilig is niet aan de honden en gooi je parels niet voor de zwijnen; die zouden ze maar met hun poten vertrappen, zich omkeren en jullie verscheuren.

Matteüs 7:6

Dit vers lijkt onsamenhangend te zijn met de andere verzen er om heen. Voor dit vers gaat het over de balk in je eigen oog (zie ook mijn bericht over oordelen) en het vers erna gaat over vragen wat je nodig hebt (zie ook bericht over vragen).

Het is een vreemd vers wat hier even tussendoor staat. Om het beter te begrijpen zal ik een aantal andere vertalingen van het zelfde vers aanhalen.

Geef wat heilig is niet aan de honden, want ze komen terug om u te verscheuren; gooi uw parels niet voor de zwijnen, want ze vertrappen die met hun poten.

Geef de dingen van God niet aan de vijanden van God. Zorg ervoor dat zij geen vat op u krijgen. Gooi geen parels voor de zwijnen. Zij zullen de parels vertrappen, zich omdraaien en u aanvallen.

Vertel het goede nieuws niet aan mensen die niets met God te maken willen hebben. Je geeft varkens toch ook geen parels te eten? Nee, de varkens zouden die parels dan kapottrappen, en zich dan omdraaien en jou opvreten.

Er wordt in dit vers volop beeldspraak gebruikt. Maar door de verschillende vertalingen is wel een duidelijke lijn zichtbaar. Dat wat heilig is (volgens 2 vertalingen), is het zelfde als dingen van God en het goede nieuws. De honden en zwijnen/varkens zijn dan de vijanden van God en mensen die niets met God te maken willen hebben. Het verscheuren/aanvallen/opvreten kan gezien worden als de ondergang van een christen, het kwijt raken van geloof. Wat verteld dit ons concreet? Hoe kunnen wij dit in het dagelijks leven toepassen?

Laten we beginnen met de constatering dat niet wij, maar enkel God de harten van mensen kan openen. Als we iemand op ons pad tegen komen die niets met God te maken wil hebben, dan moeten we niet onze tijd en energie niet stoppen in het proberen te overtuigen van die ander. We hoeven die persoon niet te mijden, maar we kunnen dan beter wel het geloof als onderwerp mijden, anders lopen we gevaar dat we zelf mee gaan en ons geloof verliezen. Maar hoe zit het dan met mensen in onze omgeving (familie, collega’s vrienden, kennissen) die we juist wel hierover willen vertellen? In dat geval mogen we aan God vragen om hun harten te openen. Meer dan dat kunnen wij niet doen. En wanneer God dan harten heeft geopend, dan mag je hier de boodschap delen. Dat is het moment dat je hen kan ondersteunen en uitleg kan geven. Ze mogen dan delen in het goede nieuws, de dingen van God, dat wat heilig is. En dan zullen zij gered worden.

Vermijd bij mensen, van wie het hart nog gesloten is/blijft, het onderwerp geloof. Indien dit onderwerp onvermijdelijk is, vraag dan aan de Heer om je heen te blijven en de kwade invloed te weren. Andere onderwerpen kan je zonder problemen met die mensen bespreken, blijf echter alert dat niet niet mee gaat in een goddeloze belevingswereld. Bespaar je de energie om mensen te overtuigen die niet willen horen, die energie die je daar zou gebruiken kan beter anders worden besteed.

Een belangrijk punt hier is dat we niet mensen moeten gaan mijden. Het zijn immers juist de zieken die een doktor nodig hebben, zo zijn het ook juist de ongelovigen die redding nodig hebben. Echter het heeft geen nut om te preken tegen een dichte deur. Houd daarom positief contact met die mensen. Wie geen oren heeft voor de woorden van God kan dan in ieder geval aan onze daden zien dat we anders zijn dan anderen in zijn omgeving. Leef dus het voorbeeld, en sta open voor gesprekken. Als je merkt dat de ander ook open staat, dan mag je getuigen, en dan zal je de juiste woorden ingegeven krijgen. Dit kan soms ook betekenen dat het even stil blijft of dat je er wat halve zinnen uit gooit. Geef hierin de Geest de ruimte om de woorden te spreken die de ander kunnen raken.

Houd positief contact, vraag aan God om hun harten te openen. Wanneer de harten open gaan, getuig dan van de boodschap, dan zullen ook zij gered worden.

Durf te vragen

Is er iemand onder jullie die zijn kind, als het om een brood vraagt, een steen zou geven?

Matteüs 7:9

In Matteüs 7:7-12 is te lezen dat we mogen ontvangen als we vragen. God wil ons geven wat we nodig hebben, we hoeven hier enkel om te vragen. Echter dit wil niet zeggen dat we altijd alles gelijk krijgen, of dat we het krijgen op de manier die we verwachten. Het kan zijn dat je geduld moet hebben voor je ontvangt waar je om gevraagd hebt. Het kan ook zijn dat je eerst nog iets moet doen voordat je kan ontvangen.

Ook de manier waarop je ontvangt kan sterk verschillen. Wie vraagt om wijsheid kan bijvoorbeeld juist vraagstukken krijgen om die wijsheid op te bouwen. Wie vraagt om meer vertrouwen in de Heer kan problemen krijgen om dat vertrouwen op te bouwen. Wie vraagt om kracht kan moeilijkheden ontvangen om sterker te kunnen worden.

Belangrijk is echter dat we wel durven te vragen. Als we er niet om vragen en het niet van Hem verwachten, wat zal Hij dan doen? Daarom zeg ik jullie, als je vraagt zal je ontvangen, als je zoekt zal je vinden en als je klopt wordt er voor je opengedaan. We mogen vertrouwen dat God nakomt wat hij heeft gezegd. Wat als zelfs slechte mensen hun kinderen geen steen geven als het om brood vraagt, hoezeer zal God dan niet aan ons zijn rijke zegeningen willen geven.

En laten we tot slot niet het 12e vers vergeten. Behandel anderen zoals je zelf ook behandeld zou willen worden. Als jij honger hebt zou je ook eten willen ontvangen, dan moet je dus ook anderen die hongerig zijn te eten geven. Als je vergeving wilt, zal je ook zelf moeten vergeven. Als je vrede wilt, zal je die ook zelf moeten verspreiden. Als je geluk wilt, zal je ook aan het geluk van anderen moeten werken.

Onze hoofden zijn vaak te veel op onszelf gericht, op ons eigen geluk op onze eigen honger. Het is zaak om dan ook vanuit je hart te kijken, en naar je naasten om te zien, op hun geluk en op hun noden. Hoe meer mensen dit zullen doen hoe mooier de wereld er uit zal komen te zien.

Ook hiervoor mag je vragen, dat je meer vanuit je hart naar anderen leert kijken. Dat je niet alleen een ontvanger mag zijn maar ook een verdeler. Iemand die doorgeeft wat hij ontvangen heeft. Immers hebben we alles wat we hebben en kunnen eerst van Hem ontvangen en hieruit mogen wij dan zelf weer uitdelen aan hen die minder hebben ontvangen.

Behandel andere mensen net zoals je zelf behandeld wilt worden. Daar gaat het om in de wet en in de andere heilige boeken.

Matteüs 7:12